|
© h.hofstede (h.hofstede@hogeland.nl) |
||||
| Meer opgaven |
![]() |
|||
|
|
||||
|
|
Teken de eerste vier stappen in een webgrafiek voor de recursievergelijking u(n) = 1,1u(n - 1) + 2 met u0 = 10. | |||
|
|
a. | Teken de eerste vier stappen van de tijdgrafiek die bij onderstaande webgrafiek hoort. | ||
|
|
||||
| b. | Als je oneindig veel stappen zou tekenen, wat
zijn dan de mogelijke waarden voor u¥? Geef dat aan in de grafiek |
|||
|
|
Gegeven is de rij getallen un met recursievergelijking un = 6/u(n - 1) + 1 | |||
| a. | Bereken in vier decimalen nauwkeurig u10 als u0 = 2 | |||
| b. | Deze rij nadert naar een grenswaarde. Bepaal deze grenswaarde eerst met je GR en daarna exact algebraïsch. | |||
| Hieronder staan in de linkerfiguur de grafieken van y = x en y = 1 + 6/x getekend. | ||||
|
|
||||
| c. | Teken in deze figuren de eerste 4 stappen van een webgrafiek en van een tijdgrafiek als u0 = 1. Doe dat zonder berekeningen te maken. | |||
|
|
Gegeven is de rij getallen un met un = un - 12 – 6un - 1 + 10 |
|||
| a. | Neem u0 = 2,8 en bereken u20 in vier decimalen nauwkeurig. | |||
| Hieronder zie je de grafieken van y = x en y = x2 – 6x + 10 | ||||
| b. | Neem u0 = 3,5 en teken 4 stappen van de webgrafiek. Teken ook vier stappen van de tijdgrafiek in de rechterfiguur. | |||
|
||||
| 5. | examenvraagstuk VWO wiskunde B,
2003 Gegeven is de rij: |
|||||
|
|
||||||
| In de volgende twee vragen
kiezen we de startwaarde a = 2 In de figuur hieronder staat de webgrafiek bij deze startwaarde. |
||||||
|
|
||||||
| a. | Bereken u1, u2, u3 en u4. | |||||
| b. | Bereken u999999. Licht je antwoord toe. | |||||
| We kunnen ook andere
startwaarden a nemen dan 2. Als we a = 0 nemen, heeft de
rij maar twee termen: u0 en u1; dan
is de term u2 namelijk niet gedefinieerd. Behalve a = 0 is er nog een startwaarde waarbij één van de termen in de rij un gelijk is aan 0. De daaropvolgende term in de rij is dan niet gedefinieerd. |
||||||
| c. | Welke startwaarde is dat? Licht je antwoord toe. | |||||
| In de rest van deze opgave werken we met startwaarden waarbij u1, u2 en u3 wél gedefinieerd zijn. Bij zo'n startwaarde a kun je achtereenvolgens u1 en u2 bepalen. | ||||||
| d. | Toon langs algebraïsche weg
aan dat de uitdrukking die je voor u2 krijgt kan
worden vereenvoudigd tot -1/a |
|||||
| Nu je u2 hebt gevonden kun je u4 ook bepalen. | ||||||
| e. | Toon aan dat u4 = a | |||||
| 6. | Examenvraagstuk VWO, Wiskunde B,
2003. Gegeven zijn de
functies f`(x) = 1/4x2
en g(x) = -4/x² |
|||||
|
|
||||||
| a. | Teken in bovenstaande figuur de plaats van v2 op de x-as. | |||||
| b. | Bij een bepaalde startwaarde van u0 krijgt v1 de waarde -1. Bereken deze startwaarde u0 | |||||
| 7. | Examenvraagstuk VWO Wiskunde B, 2007. | |||||
|
||||||
| In de figuur hiernaast is de
grafiek van f getekend, evenals
de lijn y = x Bij elke startwaarde s is er een rij u0, u1, u2, ... vastgelegd door:
Neem s = 5. Bij deze startwaarde vertonen de termen van de rij vanaf n = 3 een bepaalde regelmaat. |
|
|||||
| a. | Geef voor n ≥ 3 een directe formule waarin je un uitdrukt in n. Licht je antwoord toe. | |||||
| Er zijn startwaarden waarvoor de rij bestaat uit twee verschillende getallen die elkaar afwisselen. Dus u2 = u0. | ||||||
| b. | Eén van die startwaarden is groter dan 5. Bereken deze startwaarde exact. | |||||
| We bekijken het gedrag van de rij
voor startwaarden tussen
5/6 en
7/6.
Veronderstel dat je voor alle startwaarden
tussen 5/6 en
7/6
de eerste stap tekent van de
webgrafiek. In de figuur hiernaast is de strook die
dan ontstaat met grijs aangegeven.
Wanneer je voor alle startwaarden tussen 5/6 en 7/6 het vervolg van de webgrafiek tekent, ontstaat het vervolg van de strook. |
|
|||||
| c. | Onderzoek met behulp van de figuur of de rijen met startwaarden tussen 5/6 en 7/6 convergeren. | |||||
|
|
|||
|
© h.hofstede (h.hofstede@hogeland.nl) |
|||